Hoogsensitiviteit versus stoornis

Bel 06-29115607 voor:

  • reserveren consult in de praktijk
  • tijd afspreken voor telefonisch consult op advieslijn (0909-0206 Box 10)
  • bestelling producten
  • boeken van workshop/cursus of vragen daarover

Bel 0909-0206 en kies Box 10 (0,90 p/minuut) voor:

  • Vragen over hooggevoeligheid, nieuwetijdskinderen en gezondheid
  • Adviezen
  • Telefonische consulten
SiteLock

© Helen op Natuurlijke Wijze - Geertje Swart - Top 5 - 8606JT Sneek - 06 29115607 - info @ helenopnatuurlijkewijze.nl - KvK 59142383

Ja
 
 
 

Hoogsensitiviteit (HSP - HSK) versus stoornis

Blog - Geertje Swart 25 september 2018

 

Hoogsensitiviteit heeft overeenkomsten met ADHD, ADD, autisme, PDD-nos, Asperger, maar er is wel duidelijk verschil te herkennen. In dit blog geef ik een samenvatting van onderzoeken die beschreven zijn in boeken door:

 

Elaine N. Aron – schrijfster van het boek “Het hoogsensitieve kind”

Gerarda van Veen – schrijfster van het boek “Wegwijs in gevoeligheid”

Esther Bergsma – schrijfster van het boek “Hoogsensitieve kinderen”

 

Aron, een Amerikaanse psychologe heeft wetenschappelijk onderzoek gedaan naar hoogsensitiviteit en een definitie gemaakt voor HSP (High Sensitive Person):

 

“Hoogsensitieve personen zijn mensen die zijn geboren met de neiging veel dingen op te merken in hun omgeving en diep te reflecteren alvorens te handelen, in vergelijking met degenen die minder opmerken en snel impulsief handelen”.

 

HSP-vragenlijst

De kernkwaliteit van HSP is invoelend vermogen, wat betekent dat ze zich goed in de ander kunnen verplaatsen. Daarbij een hoge mate van gewetensvol gedrag vertonen. Een innerlijk aangeboren besef hebben van de gevolgen van een uitspraak of daad. Psychologe Aron heeft een vragenlijst voor HSP gemaakt die ook veelvuldig op internet terug te vinden is.

 

1. snel schrikken

2. last hebben van kleren die kriebelen, naden in sokken of kledingmerkjes

tegen zijn/haar huid

3. over het algemeen niet houden van grote verrassingen

4. meer leren van een vriendelijke terechtwijzing dan van een strenge straf

5. gedachten lijken te kunnen lezen

6. moeilijke woorden gebruiken voor zijn/haar leeftijd

7. elk vreemd geurtje ruiken

8. een scherpzinnig gevoel voor humor hebben

9. zeer intuïtief lijken

10. moeilijk in slaap te krijgen na een opwindende dag

11. moeite hebben met grote veranderingen

12. zich willen verkleden als zijn/haar kleren nat of zanderig zijn

13. veel vragen stellen

14. perfectionist zijn

15. oog voor het verdriet van anderen hebben

16. meer van rustige spelletjes houden

17. diepzinnige, beschouwende vragen stellen

18. zeer gevoelig voor pijn zijn

19. slecht tegen een luidruchtige omgeving kunnen

20. oog voor detail hebben (iets wat van plaats is veranderen, een verandering in

iemands uiterlijk o.i.d.)

21. eerst kijken of het veilig is alvorens ergens in te klimmen

22. het best presteren als er geen vreemden bij zijn

23. de dingen intensief beleven

 

Bij meer dan 13 vragen die met een ‘ja’ zijn beantwoordt, is er sprake van hoogsensitiviteit. De mening van Aron echter is, dat ook 1 tot 2 vragen met ‘ja’ beantwoordt in extreme mate op hoogsensitiviteit kunnen wijzen. Gerarda van Veen, schrijfster van Wegwijs in gevoeligheid en medeoprichter en coördinator van Landelijk infopunt Hoog Sensitieve kinderen (LiHSK) haalt in haar boek deze mening van Aron aan.

Van Veen is van mening, dat een diagnose van HSP alleen gesteld kan worden als er een compleet beeld is van zowel gedrag thuis, op school, bij rustmomenten en stressmomenten in diverse situaties.

 

ADHD/ADD versus hoogsensitief

Indien vragen 2, 5, 7, 9, 10, 13 en 23 met een ‘ja’ zijn beantwoordt en je kijkt naar de kenmerken van ADHD en ADD, dan zijn deze kinderen impulsief en niet reflecterend. Ze hebben een sterke innerlijke onrust en spanning, zijn druk en doen/zeggen dingen zonder nadenken. Ze zijn weinig opmerkzaam hoe dit op de ander overkomt. Bij ADD resulteert de innerlijke onrust en spanning in een meer trage en apathische houding. Ze dromen weg, stellen dingen uit en zijn moeilijk te bereiken. HSP-kinderen zijn juist wel reflecterend, denken langer na en het duurt dan ook wat langer voordat je antwoord krijgt of dat ze handelen.

 

PDD-nos versus hoogsensitief

Indien vragen 2, 3, 6, 7, 10, 18 en 19 met een ‘ja’ zijn beantwoord in relatie met PDD-nos, is het verschil met HSP dat deze kinderen moeite hebben met invoelendheid, moeite om sociale informatie te verwerken, non-verbale communicatie niet begrijpen en moeite hebben contacten te leggen. In stresssituaties vallen ze boos uit naar anderen en zeggen onopzettelijk kwetsende dingen. HSP-kinderen willen juist de harmonie bewaren.

 

Bij hoogsensitiviteit is er sprake van een combinatie van zintuiglijke gevoeligheid, slimheid, invoelendheid, zekere behoedzaamheid, intuïtie, creativiteit, gewetensvol gedrag en gevoelig zijn in sociaal gedrag. Een onderlinge samenhang is belangrijk bij de diagnose HSP.

 

Gedrag versus oorzaken

Esther Bergsma heeft haar onderzoek n.a.v. twee enquêtes gedaan. De eerste met 635 ouders en de tweede met 722 ouders. Ze heeft haar bevindingen gebundeld in haar boek “Hoogsensitieve kinderen”. In de psychiatrie werken ze met het handboek DSM-5, een handboek voor classificatie van psychische stoornissen. Bij het hebben van 6 van de 9 beschreven symptomen spreekt men daar van ADHD. Deze worden verdeeld in 3 subdiagnoses:

1.ADHD- Beeld Overwegend Onoplettendheid (ADD)

2.ADHD- Beeld Overwegend Hyperactief/Impulsief

3.ADHD- gecombineerd beeld

Van de 18 objectief waarneembare gedragskenmerken die volgens de DSM-5 wijzen op ADHD zijn er ook een aantal te herkennen bij hoogsensitieve kinderen. Bij stoornissen kan gedrag overeenkomen, maar de oorzaken verschillen is de mening van Bergsma.

 

Gedrag is een resultaat van een interen verwerkingsproces, ervaringen en doelen. Er zijn volgens Bergsma haar onderzoek verschillende oorzaken van het gedrag tussen HSP-kinderen en ADHD-ers en dat moet maatgevend zijn bij de diagnose.

 

Hyperactiviteit

Als je kijkt naar hyperactiviteit dan is dit bij ADHD-ers extremer en minder controleerbaar. HSP-kinderen kunnen rustig zijn als het nodig is of met afleiding.

 

Concentratie

Bij concentratiesituaties is een HSP-kind bij optimale omstandigheden heel geconcentreerd, snel afgeleid (80% uit het onderzoek), luisteren slecht, vergeetachtig met als reden een intensieve verwerking en analyse van de informatie. Een ADHD-er kan zich in bijna iedere situatie lastig concentreren.

 

Impulsiviteit

Bij impulsiviteit doen ADHD-ers voor ze denken, hebben moeite hun beurt af te wachten, verstoren bezigheden van anderen en dringen zich op. HSP-kinderen hebben een stop-en-check systeem. Denken eerst na en doen dan. Daarbij heb je nog een groep hoogsensitieve kinderen, de High Sensation Seekers (HSS) met een er-op-af systeem, maar deze kinderen springen niet zomaar in het diepe.

 

Bergsma geeft als tip goed naar de achtergronden van het gedrag van het kind en de omstandigheden te kijken waarop het gedrag wordt vertoond. In de molen van diagnosestelling wordt alleen maar naar gedrag gekeken.

 

Autisme versus HSP

Als je naar autisme kijkt in de DSM-5, kom je de volgende zaken tegen: beperkingen in sociale communicatie en interactie, repetitief gedrag en specifieke interesses. Deze zaken kun je ook bij sommige HSP-kinderen tegenkomen.

 

Er zijn 3 probleemgebieden:

 

1. Centrale coherentie – moeite om het grote geheel te overzien en juiste betekenis te geven.

HSP-kinderen kunnen het grote geheel overzien door intensieve verwerking. Ze verbinden alle informatie tot een totaalplaatje. Ze denken lang na, voordat ze antwoorden (dit geeft verwarring met autisme).

Kinderen met een stoornis (Autisme Spectrum Stoornis -ASS) hebben weerstand tegen veranderingen, want nieuwe details geven meer chaos. Ook HSP-kinderen vinden verandering lastig, want meer nieuwe informatie is meer informatie om te verwerken voor het totaalplaatje.

 

2. Executieve functies – moeite taken te plannen en organiseren.

HSP-kinderen hebben problemen taken tijdig af te ronden. De reden is vaak overprikkeling. Bij overweldiging kunnen ze zich niet meer goed focussen.

 

3. Theory of Mind (TOM) – niet kunnen inleven in gevoelens van anderen en slecht non-verbale communicatie ‘lezen’.

HSP-kinderen hebben een groot inlevingsvermogen, soms zelfs zo groot dat ze gevoelens/emoties overnemen. Ze herkennen non-verbale communicatie en achterliggende boodschappen. Dat is het verschil tussen hen en autistische kinderen.

 

Soms wordt bij HSP-kinderen aan de sociale vaardigheden getwijfeld door het verwoorden van opmerkelijke waarnemingen die onaardig overkomen in hun onschuld (ze zijn in alle eerlijkheid oprecht en dat kan soms hard aankomen). Ze zijn soms rechtlijnig. Dit kan zich uiten in stelselmatig weigeren te spelen met een kind dat anderen pest. Of door het terugtrekken uit de klas door gebrek aan zelfvertrouwen door overprikkeling of door onvoldoende aansluiting. Voor een leerkracht lijkt dit op autistisch gedrag. Om autisme uit te kunnen sluiten, stel je de volgende vraag:

 

Kan het kind zich inleven in de ander?

 

Zo ja, dan is er geen sprake van autisme. Begaafde autistische kinderen kunnen zich wel vaardigheden aanleren, waardoor het lijkt dat ze empathie hebben. Maar in niet standaard situaties weten ze zich geen raad. HSP-kinderen kunnen dit echter wel. Sommige introverte HSK-kinderen lijken door hun geslotenheid gebrekkige sociale vaardigheden te hebben, maar zijn bij uitstek goed in sociale communicatie.

 

Mocht je vragen hebben, neem gerust contact op. De boeken zijn een aanrader.

 

Geertje Swart, energetisch natuurgeneeskundig therapeut

Praktijk Helen op Natuurlijke Wijze

Gespecialiseerd in hooggevoeligheid/nieuwetijdskinderen. Auteur van het boek “Ontzettend leuk Anders!”. Verkooppunt van het boek Hallo, ik ben Gwen voor hooggevoelige kinderen en trainer van de Hallo, Ik ben Gwen academie.